Volkspetitionnement tegen de kruisraketten

In 1985 was Nederland sterk verdeeld over de vraag of Nederland wel of niet mee moest doen aan het NAVO-dubbelbesluit, wat onder meer zou inhouden dat er ook in Nederland Amerikaanse kernwapens gestationeerd zouden worden. Voor het VPRO literair programma Boeken van dinsdag 3 september 1985 belde Anton de Goede een aantal schrijvers met de vraag of zij meededen met het volkspetitionnement tegen de uitbreiding van de kernbewapening.

A. den Doolaard is in zijn 'stukje van twee minuten' duidelijk over zijn motivatie om het volkspetitionnement tegen de kruisraketten te tekenen: "Ja, ik heb (...) getekend, omdat ik tegen kernbewapening ben, in elke vorm en waar ook ter wereld, in Oost en West, maar dan zeker in mijn eigen kleine land."

Het programma Boeken van 3 september 1985 terugluisteren (het telefoongesprek met A. den Doolaard start rond 4 minuut 45 en eindigt op 8 minuut 35).

Affiche volkspetitionnement tegen kruisraketten

Gerelateerde berichten

Een misdaad tegen de mensheid
A. den Doolaard al in 1961 betrokken bij demonstratie tegen kernwapens

Gebed tot Onze Lieve Vrouwe van den Goeden Duik

Tijdens de oorlog schreef A. den Doolaard, die als redacteur van Radio Oranje vanuit Londen het oorlogsnieuws op de voet volgde, een aantal gedichten. Eén van de opvallendste daarvan is het gedicht 'Gebed tot Onze Lieve Vrouwe van den Goeden Duik'. Hoe dit gedicht tot stand kwam, beschreef Den Doolaard in 'Ogen op de rug' (p. 106):

"Ik wierp me (...) met hartstocht op het radiowerk, tot ik in 1944 door de wrede verzadigingsbombardementen op Duitse steden in diepe twijfel raakte. Ik wist met mijn naakte verstand dat de oorlog gewonnen moest worden, maar de middelen tot dit doel namen zulke barbaarse vormen aan dat ze mij een gewetensconflict bezorgden."

"Ik klaagde mijn nood aan een sympathieke Engelandvaarder, de Limburgse pater Bleys, want ik wist dat hij niet alleen veel onderduikers had gholpen maar ook onder zijn soutane handgranaten voor de Limburgse knokploegen had gesmokkeld. Hij zei, met zijn zachte g: 'Gij zit hier in het licht; denk dan allereerst aan hen die daarginds in het donker zitten. Ge moet eens iets opbeurends schrijven voor onze Limburgse onderduikers, al zijt ge dan niet katholiek. Ge weet toch dat ze, als ze in nood raken, bidden tot hun eigen speciale beschermheilige, Onze Lieve Vrouwe van den goede duik?"

Een aantal dagen later schreef A. den Doolaard:

Gebed tot Onze Lieve Vrouwe van den Goeden Duik

Sterre der Zee, schenk mij Uw hemellicht
Dat ik geruischloos sluipen kan langs 't pad
Naar 't hol, dat onder varens ligt verborgen.
Moeder van God, schenk mij het vergezicht
Van het geloof aan de eeuwigheid, opdat
Ik niet verzink in het moeras der zorgen.

(...)

Schenk Uw mild mededoogen aan de boeren;
Bewaar mijn voeten voor de valsche klem
Van hen, die met de Duitschen vijand hoeren.
Dan, elke dag als ik den dauw weer ruik
Zal ik U prijzen met gesmoorde stem,
Gij, Lieve Vrouwe van den Goeden Duik.

Het gedicht (in totaal 10 strofen) werd door A. den Doolaard opgedragen aan Pater Bleys.

Sterre der Zee

Sterre der Zee, waarmee het gedicht begint, is een (Limburgse?) benaming voor Maria. Tijdens mijn vakantie in Maastricht maakte ik afgelopen maand wel een foto van de Sterre der Zee kapel in de Onze Lieve Vrouwe baseliek, maar verzuimde helaas langs te gaan bij het gevelbeeld in de Cortenstraat van Onze Lieve Vrouw van den goede duik...

In de Sterre der Zee kapel in Maastricht

Afbeelding: Sterre der Zee kapel, Maastricht
© foto Albert Koevoet

Leven van je pen - Boekenbal 1984

Op het Boekenbal van 1984 hield A. den Doolaard een voordracht over het thema 'leven van je pen'. Hij eindigt zijn betoog met een vraag aan minister Brinkman die bij het boekenbal aanwezig was. 

A. den Doolaard

Hieronder volgt de tekst van zijn betoog.

Leven van je pen

'Leven van je pen': volgens een paar inwoners van mijn Veluwse heidorp die met hun handen hun  brood moeten verdienen, is dat een makkie. "Je gaat op je krent zitten", hoorde ik in het dorpshuus, "je schrijft andermans belevenissen op, en een poosje later stroomt het geld binnen."  Ja, ja ja. Dat het zo ware! Want enkel van mijn pen heb ik maar een paar jaar kunnen leven. Nadat in 1946 Het verjaagde water was verschenen. Niet alleen het verhaal van de droogmaking van Walcheren, maar ook het epos van de eeuwige strijd van Nederland tegen de zee.

Daarna vertrok ik naar Amerika, en ook dankzij de uitstekende vertaling wilde de bekende Amerikaanse Book of the Month club Het verjaagde water uitgeven. Dat alleen al betekende een voorschot van 50.000 dollar. Maar! Er was een voorwaarde aan verbonden: ik moest het boek met eenderde inkorten en speciaal werd daarbij beoogd een figuur die mij juist buitengewoon lief was. Soms wordt een schrijver verliefd op zijn eigen figuren. Daar voelde ik niets voor. Ik overlegde met mijn vrouw, die aanstonds zei: als je dat doet, ga ik van je scheiden. Daarmee viel de beslissing helemaal, en ik zond aan de baas van de jury een telegram in vier woorden, luidende: "Go climb a tree". In hedendaags Nederlands vertaald: U kunt mij de pot op!

Ik heb er nooit spijt van gehad. Want als je begint je te verkopen, is het eind weg. Maar eenmaal terug in Nederland, moest ik die geste wel bekopen met het houden van vele lezingen. Drie, vier keer per week met m'n auto en mijn projectielantaarn het land rond, het hele land, van Maastricht tot Delfzijl. Zodra ik op m'n 65e AOW kreeg heb ik dat nachtelijke dweilen van Cadzand tot Groningen opgegeven. En bij elke winterstorm zei ik 's avonds bij de haard tegen mijn vrouw: Aargh, lekker geen lezing vanavond!

Maar die juichkreet verstomde na het optreden van het huidige no-nonsense kabinet, dat tegemoetkomingen aan zieken, maatschappelijk zwakkeren, jeugd en bejaarden introk maar juist wel toebedeelde aan de dikverdienende multinationals.  Indien ik er lichamelijk nog toe in staat was, zou ik morgen weer met lezingen beginnen. Want ouderen, en dus ook oudere schrijvers, verloren in de laatste paar jaar eerst hun extra belastingvrije som, en dit jaar werden ze fiscaal beroofd van hun aftrek als zelfstandige. Ik ondervind dit niet alleen als onrechtvaardig, maar ook als grievend. Want nu ben ik fiscaal kinds verklaard, en bovendien kost mij dat een paar duizend gulden extra belasting. Als straf op het zelfstandig zijn! 

En daartegen protesteer ik.

Ook de uitleenvergoeding voor schrijvers is afgeschaft. En daarom vraag ik de daarvoor verantwoordelijke minister - ik heb horen verluiden dat die hier in de zaal aanwezig is - waar blijft ter compensatie daarvan, het plechtig beloofde leengeld?

Wij schrijvers wachten ongeduldig op uw antwoord. 

Dank u.

De volledige uitzending van het Boekenbal van 20 maart 1984 is te bekijken bij de NPO. Vanaf 18:40 is A. den Doolaard, ingeleid door Adriaan van Dis, zo'n 5 minuten aan het woord. 

Gerelateerde berichten

Tussen Einstein en Cruijff

CODA Apeldoorn, waar de tentoonstelling 'A. den Doolaard: zwerver, schrijver en journalist' nog tot 1 juni te bezichtigen is, heeft een aantal nieuwe studieruimtes gekregen. Deze studieruimtes in CODA Centrale Bibliotheek zijn voorzien van de beeltenis van een aantal grootheden. Eén van de studieruimtes kreeg de beeltenis van A. den Doolaard, die van 1954 tot 1994 in Hoenderloo (gemeente Apeldoorn) woonde en daar ook begraven is.

Studieruimtes in CODA Centrale Bibliotheek

De studieruimtes, met A. den Doolaard tussen Albert Einstein en Johan Cruijff.

Bron: Twitterbericht CODA Apeldoorn

Reacties zijn welkom

Ik vind het leuk om reacties te krijgen, dus reageer gerust wanneer je vragen, opmerkingen of aanvullingen hebt. 

Reageren kan onder elk artikel