Toen A. den Doolaard met zijn vrouw Erie in juni 1941 als Engelandvaarders in Londen aankwamen, vond hij al snel werk als omroeper bij de zeemansomroep De Brandaris. Erie werd verzocht om te komen werken voor De Flitspuit, een geheime propagandazender die vanuit Engeland uitzond maar zich voordeed als illegale radiozender vanuit Nederland, om het moraal en het verzet onder de Nederlandse bevolking te versterken. Hoewel de Duitsers door metingen al snel concludeerden dat de uitzendingen vanuit Engeland kwamen, bleef onder de Nederlandse bevolking lang het idee bestaan dat de zender vanuit Nederland uitzond.
De Flitspuit viel onder Special Operations Executive (SEO), een Britse geheime dienst. De opzet en uitwerking van het idee van De Flitspuit was voor een groot deel het werk van Meyer Sluyser, een Nederlandse journalist die net als A. den Doolaard redacteur was geweest van het sociaal-democratische dagblad Het Volk en ook had samengewerkt met Erie Meyer bij het socialistische propagandablad Vrijheid, Arbeid, Brood. In de meidagen van 1940 was hij er met zijn gezin ternauwernood in geslaagd per boot naar Engeland te ontkomen.
Meyer Sluyser schreef het merendeel van de teksten van de uitzendingen van De Flitspuit op basis van berichten van de Nederlandse radio en landelijke en plaatselijke Nederlandse kranten, die hem veelal via Stockholm bereikten. Deze informatie werd verrijkt met gegevens die afkomstig waren uit de verhoren van recent uit Nederland overgekomen Engelandvaarders, zodat de informatie die in de uitzendingen werd gegeven soms zeer recent en specifiek was. In de uitzendingen van De Flitspuit werden intimidaties aan landverraders en al te ijverige politiemannen en andere gezagsdragers niet geschuwd. Zo werden luisteraars bijvoorbeeld opgeroepen om op de huizen van collaborerende landgenoten een groot vraagteken te schilderen.
Erie in Londen (foto uit Dronken van het leven, Hans Olink, p. 187)
Erie verdiende in dienst van His Majesty's Service een paar pond per week méér dan haar man als omroeper bij de radio kreeg, terwijl de huur van hun flat in de Londense wijk Marylebone, waar ook het hoofdkwartier van de SOE was gevestigd, voor hun werd betaald.