In 1934 weigerde A. den Doolaard de aan hem toegekende Mei-prijs voor zijn boek De herberg met het hoefijzer, omdat hij die moest delen met Jan Engelman met de dichtbundel Tuin van Eros.
In 1929 verbleef A. den Doolaard in het bergdorp Chamonix in de Franse Alpen, toen daar de filmtroep van de destijds bekende Duitse regisseur Dr. Fanck neerstreek om er een film op te nemen.
Film
De vrouwelijke hoofdrol van de film 'Stürme über dem Mont Blanc' werd gespeeld door de 26-jarige Leni Riefenstahl, "een knappe meid met kastanjebruin haar", aldus Den Doolaard. Een andere hoofdrol werd gespeeld door Ernst Udet, een legendarische oorlogsvlieger uit de Eerste Wereldoorlog. Omdat niemand van de groep behoorlijk Frans sprak, lukte het Den Doolaard om zich als tolk en drager in te laten huren door het gezelschap.
Boeken
Den Doolaard verwerkte zijn ervaringen met bergen, filmopnamen en de skisport in de (later door hem als mislukt beschouwde) roman De witte stilte en in het boek Van camera, ski en propeller - Film-avonturen en ski-onderricht in het Mont-Blancgebied.

Fragment
De complete film (Duitstalig) staat op YouTube.
Schlafen Sie?
Jaren later schreef A. den Doolaard over zijn belevenissen met Leni Riefenstahl nog het volgende in Ogen op de rug:
"Eind april 1929 bivakkeerden we (twintig man en één vrouw) in hevige kou een week lang in de hooggelegen Depuis-hut. Ik sliep altijd in m'n eentje beneden, omdat David Zogg, toen skikampioen van Zwitserland, op de slaapzolder de barsten in de houten britsen snurkte. Op een nacht voelde ik een hand op mijn schouder en een fluisterstem vroeg 'Schlafen Sie?' Het was Leni, die op haar vlucht van de benauwde zolder in het donker haar donsdeken was kwijtgeraakt."
A. den Doolaard - Ogen op de rug (p. 28)
Gerelateerd
Van camera, ski en propeller
Onderweg naar de top van de Mont Blanc
foto: Cas Oorthuys, Nederlands Fotomuseum
Wij westerse welvaartsblanken
Wij die zoveel weten en zo weinig begrijpen
Vooral van medemensen die er niet bijlopen naar ons confectiebeeld
Wij zeggen dat de mens een kroon van de schepping is
En de kroon op die kroon is ons hoofd
Vernufthoofd denkhoofd weethoofd
Leeghoofd dat op scholen wordt volgepompt
Met jaartallen rivieren voortbrengselen chemische formules
Hoofd vol blauwdrukken van fabrieken en betonnen geluksdozen
Thermostatisch verwarmde broedplaats voor flatneurosekinderen
En blauwdrukken van atoomraketten om onze vrijheid te verdedigen
Tegen boze bolsjewieken kinderen uit precies eendere betonnen dozen
Wij hebben zoveel aan ons hoofd dat wij er niets op kunnen velen
De vrouwen hoogstens een pruik om te pralen
De mannen steeds meer haren
Met uitzondering van militairen officieren hoofdofficieren
Die het hoofd sieren bevelspetten zo groot en plat
Dat er een helikopter op zou kunen landen
Maar dat gebeurt niet hoor daar is het hoofd te kostbaar voor
Want de hoofdfunctie van zo'n hoofd is andermans dood te bedenken
Geef uw hoofd aan een reisburea kortzichtige dwazen
Stuur het de aarde rond en kijk uw ogen uit
Op de dwazen die wijzen zijn
Op de evenwichtskunstenaars die de aarde in balans houden
En de handen vrij voor vertellende verhalen
Het hoofd is er niet enkel om te denken
Zoals de welvende aarde de bloesemhemel draagt
Ons licht onze lucht ons leven
Zo draagt hun schedelgewelf het goede ter aarde
Broden vissen koeienvlees snuisterijen bedden vogelkooien
Zij zijn ouder en volwassener dan wij
Ouder dan het denken is het dragen van het mensenlot
Door de wereld waar eten en drinken hoofdzaken zijn
A. den Doolaard, in het fotoboek Mensen / People van Cas Oorthuys, 1969
Gerelateerd
De Contact foto-pockets van Cas Oorthuys
A. den Doolaard op foto's van Cas Oorthuys
Foto's van de monnikenrepubliek Athos
Op 7 november 1928 hield A. den Doolaard een lezing voor 'den Rotterdamschen kring' over moderne poëzie. De recensie de volgende dag in de Nieuwe Rotterdamsche Courant meldde:
"De hoorders van den heer Den Doolaard moeten gisteravond, dunkt ons, dankbaar gestemd naar huis gegaan zijn. De jonge kunstenaar met zijn krachtig gemodelleerd gezicht onder een pruik lang blond haar, zijn dichtersoogen, die telkens voorbij de werkelijkheid keken en zijn wonderen glimlach, sprak zoo oordaat zakelijk en zonder de geringste affectatie, dat hy onmiddellijk zijn gehoor gewonnen en een intieme sfeer geschapen had."
Gerelateerd
Donkersloot over de geschiktheid van A. den Doolaard over deze lezing
Verslag in het Algemeen Handelsblad van de lezing
Lezingen aan de Rotterdamse Volksuniversiteit

A. den Doolaard en zijn vrouw Erie op het boekenbal, 1951
In de fotocollectie van het Nationaal Archief is ook een foto van de Den Doolaards op het boekenbal van 1958 te vinden, helaas niet in hoge resolutie.
Gerelateerd
Interview tijdens boekenweek 1952
Aan de maaltijd tijdens de boekenweek van 1939
Reacties zijn welkom
Ik vind het leuk om reacties te krijgen, maar heb vanwege grote hoeveelheden spam de reactie-mogelijkheid moeten sluiten.
Reageren kan nog wel per e-mail, mijn mailadres is: voornaam.achternaam '@' gmail . com
vriendelijke groet, Albert Koevoet


